Systemisch Werk en MNRI

Thuiskomen

Soms merk ik dat er momenten zijn waarop het goed is om even stil te staan.
Niet omdat iets ophoudt, maar omdat iets aan het verschuiven is.
Voor mij – en voor ons bij Spekkoek. Academy – is dit zo’n moment.
We bewegen, als mens en als organisatie, verder in wat we al jaren doen: werken met mensen, met systemen, met het lichaam.
En juist in die beweging voel ik de behoefte om te benoemen wat mij drijft, en waar mijn aandacht nu ligt.
Deze tekst is een soort ijkpunt. Een manier om terug te kijken, te voelen waar ik nu sta, en richting te geven aan wat komt.

Een voortdurende verdieping

De afgelopen jaren merk ik dat het thema thuiskomen zich steeds opnieuw aandient.
Niet als iets wat ik zoek, maar als iets dat zich blijft ontvouwen.
Het is geen proces dat ooit af is.
Eerder een keuze om steeds opnieuw te blijven kijken, voelen, leren — als mens, als begeleider en als opleider.
Het hoort bij mijn vak om te blijven verdiepen, maar ook bij mijn mens-zijn om aanwezig te blijven bij wat zich aandient.

Waar het begon

In het systemisch werk heb ik altijd gezien hoe lijf en herkomst met elkaar verbonden zijn.
Hoe spanning, verstarring of afwezigheid in het lichaam vaak samenhangen met de verhalen, patronen en loyaliteiten die iemand meedraagt.
Het lichaam laat zien waar iets nog wacht.
Dat zag ik bij mensen met een migratiegeschiedenis, bij geadopteerden, en bij mensen die zijn opgegroeid in systemen met veel spanning of waar grote verantwoordelijkheden gedragen moesten worden.
Ook bij mensen die te maken hebben gehad met grensoverschrijdend gedrag of langdurige onveiligheid.
Vaak is er in die geschiedenis een moment geweest waarop het lichaam niet meer de veiligste plek was om te zijn.
Dan leert iemand — bewust of onbewust — het lichaam deels te verlaten.
Het hoofd neemt het over, of de omgeving.
Thuiskomen in het lijf is dan niet vanzelfsprekend, soms zelfs beangstigend.

De ontmoeting met MNRI

Ongeveer twee jaar geleden kwam MNRI (Masgutova Neurosensorimotor Reflex Integration) op mijn pad.
Niet als iets wat ik zocht, maar als iets wat me bleef roepen.
Ik wist: hier heb ik iets te onderzoeken.
Pas het afgelopen jaar ben ik de opleiding gaan volgen en ben ik met de methode gaan werken.
Het bracht geen compleet nieuw inzicht — ik wist al lang dat spanning en overleving in het lijf zichtbaar zijn — maar het gaf me een andere ingang, een directere manier van werken met het lijf.
Waar systemisch werk het lichaam meeneemt in het veld, begint MNRI juist bij het lichaam zelf.
De aanraking, de reflex, de spierspanning: ze worden een ingang tot ontspanning, regulatie, aanwezigheid en groei.
Het is een omkering van richting — niet via woorden of beelden, maar via het lijf, de huid, aanraking en het zenuwstelsel.
Het heeft mijn werk niet veranderd, maar verdiept.
Het voegt iets toe dat moeilijk in woorden te vatten is: het directe contact met de intelligentie van het lijf.
Het is geen methode die “bij komt”, maar een laag die alles wat ik al deed versterkt en verdiept.

Werken met spanning en veiligheid

Wat ik daarbij steeds scherper ben gaan zien, is hoe belangrijk veiligheid is.
Aanraking is in dit werk nooit vanzelfsprekend.
Voor veel mensen is het lichaam juist de plek waar ooit grensoverschrijding of onveiligheid plaatsvond.
Daarom vraagt werken met het lijf om uiterste zorgvuldigheid.
Ethiek, afstemming, uitleg, duidelijke grenzen — dat zijn geen formaliteiten, maar voorwaarden voor vertrouwen.
En misschien nog belangrijker: de intentie achter de aanraking is voelbaar.
Het is een manier van luisteren met de handen.
Een aanraking die niet iets wil bereiken, maar die aanwezig is bij wat er is.
Het vraagt ook van mij dat ik in mijn eigen lijf aanwezig ben.
Dat ik me blijf afstemmen, alert op wat gebeurt bij de ander én bij mezelf.
Dat ik voel wanneer iets spanning oproept, wanneer het genoeg is, wanneer rust nodig is.
Dat vraagt precisie, professionaliteit en menselijkheid tegelijk.

De kracht van de combinatie

Systemisch werk en MNRI spreken voor mij dezelfde taal, maar in verschillende dialecten.
Het systemisch werk brengt beweging in het veld van herkomst, relaties en ordening.
MNRI brengt beweging in het lijf, in de reflexen en in het zenuwstelsel.
En beide raken aan hetzelfde: de beweging tussen bescherming en verbinding, tussen overleven en leven.
In mijn ervaring vullen ze elkaar niet alleen aan, maar versterken ze elkaar.
Het ene maakt zichtbaar wat het andere voelbaar maakt.
Wanneer iemand systemisch zijn plek kan innemen, ontspant het lijf vaak.
En wanneer het lijf leert dat het veilig is, kan iemand die plek pas werkelijk voelen.
De twee bewegingen lopen in elkaar over — net als in mijn eigen ontwikkeling als begeleider.
De verdieping in MNRI heeft mij niet alleen een nieuwe werkvorm gegeven, maar ook een andere kwaliteit van aanwezigheid.
Meer in mijn eigen lijf, meer afgestemd, zonder harder te werken.

Thuiskomen als aanwezigheid

Voor mij betekent thuiskomen niet zachter worden, maar aanwezig zijn.
Weten waar ik begin en waar ik eindig.
Voelen wat van mij is en wat van de ander.
Thuiskomen gaat over autonomie, maar wel afgestemde autonomie — met openheid naar de ander, zonder jezelf te verliezen.
Dat geldt voor mijzelf, maar ook voor de mensen met wie ik werk.
Thuiskomen is ook niet vanzelfsprekend.
Voor wie veel onveiligheid heeft ervaren, kan het lijf een lastige plek zijn.
Het vraagt tijd, vertrouwen en soms ook moed om weer contact te maken met wat ooit te pijnlijk was.
Een eerste aanraking kan herinneringen oproepen, of juist onrust.
Daarom is werken met het lijf niet altijd ontspannend, maar soms juist spannend.
Het vraagt een veilige bedding, een duidelijke begrenzing, en de erkenning dat niet alles in één keer hoeft.
Soms is thuiskomen simpelweg het voelen dat er íets van beweging mogelijk is.

Blijven bewegen

Ik zie mijn eigen ontwikkeling niet als een persoonlijk proces dat losstaat van mijn werk, maar als een bewuste keuze om te blijven leren.
De combinatie van systemisch werk en MNRI maakt mij scherper, preciezer, menselijker.
Het verdiept mijn vak, maar ook mijn manier van in de wereld staan.
Niet om beter te worden, maar om vollediger aanwezig te zijn — in mijn werk, in relaties, in het leven zelf.
Thuiskomen is geen eindpunt.
Het is een beweging die steeds terugkeert: soms dichtbij, soms verder weg.
Het is het vermogen om in contact te blijven, met jezelf, met de ander, met het grotere geheel.
En dat blijft, denk ik, de essentie van dit werk — en misschien ook van het leven zelf.

Een blik vooruit

Wat ik in deze periode opnieuw voel, is de wens om de diepte waarmee we werken te blijven bestendigen.
Bij Spekkoek. Academy zijn we bezig om de Basisopleiding Systemisch Werk & Opstellingen verder te verstevigen en te verankeren in die diepte.
Niet alleen in structuur of vorm, maar vooral in de essentie van het vak: de kwaliteit van aanwezigheid, het werken vanuit lichaam, systeem en beweging.
Alles wat ik in dit afgelopen jaar heb onderzocht — over thuiskomen, over lijf en veiligheid, over resonantie tussen mens en systeem — voedt dat proces.
Het helpt mij om scherper te zien waar we als opleiders staan, wat we willen doorgeven, en welke bedding daarvoor nodig is.

Tegelijk voelt deze tekst ook als een beginpunt.
Een aanloop naar nieuwe trainingen, opleidingen en masterclasses waarin dit alles verder kan doorwerken.
Niet als uitbreiding om het uitbreiden, maar als een natuurlijke volgende stap in een ontwikkelweg die steeds dieper wil landen.

In het lijf.

In het werk.

In de mensen die we opleiden.

Abonneren op e-mail updates

Wij sturen 1x per kwartaal een nieuwsbrief en in een enkele keer bij bijzondere aankondigingen.

Marketing door