Systemische Ondertitels. Hoe ik mijn kinderen uitleg wat ik doe

“Papa, wat doe jij nou eigenlijk voor werk?”

Een van mijn kinderen. Aan tafel. Zomaar.

Het is niet de eerste keer dat het gevraagd wordt. Ik heb het vaker geprobeerd uit te leggen. Maar blijkbaar landde het niet voldoende. En eerlijk gezegd snap ik dat. Want elke keer als ik het probeerde, merkte ik dat ik het ingewikkelder maakte dan nodig. Alsof er iets blokkeerde.

En dat is grappig. Want uitleggen wat ik doe is letterlijk mijn vak. Ik maak systemisch werk toegankelijk. Elke dag. Voor studenten, voor cliënten, voor ondernemers. Maar zodra ik het aan mijn eigen kinderen moet vertellen, worden de woorden groter dan ze hoeven te zijn.

Wat het zo lastig maakt

Ik denk dat het komt doordat het zo dichtbij is. Het is makkelijker om het aan een vreemde uit te leggen dan aan je eigen kind. Juist omdat het voor hen het meeste betekent. Er zit zoveel in wat ik doe dat ik wil overbrengen: het werk, de principes, de filosofie, waarom het me raakt. En dan probeer je alles tegelijk te zeggen. En dan landt er niks.

Dus deze keer koos ik een andere ingang. Ik ging het opschrijven. Niet als uitleg, maar als ondertitels.

Ondertitels bij het leven

De metafoor kwam vanzelf. Ondertitels vertalen wat er in een andere taal wordt gezegd. Ze helpen je begrijpen wat je anders zou missen.

Dat is precies wat systemisch werk doet. Mensen voelen van alles, in hun gezin, in hun werk, in zichzelf. Maar de taal van die gevoelens is niet altijd helder. Het is alsof je naar een film kijkt in een taal die je nog niet spreekt. Je voelt wat er gebeurt, maar je mist de nuance.

Wat ik doe als coach, therapeut en opleider is in essentie: ik help mensen om te begrijpen wat ze al voelen. Ik geef ondertitels bij het leven.

En toen ik dat zo formuleerde, was het ineens simpel genoeg om aan een kind van acht uit te leggen. En diep genoeg om het aan een zeventienjarige mee te geven.

Vijf kinderen, zes boekjes

Ik heb vijf kinderen, van bijna vier tot zeventien. Elk op een andere plek in hun leven, met een ander begripsniveau en andere vragen. Dus ik schreef niet één tekst, maar een reeks kleine boekjes. Voor elk kind een eigen versie. Dezelfde kern, maar in hun taal, vanuit hun wereld.

Elk boekje volgt dezelfde structuur: wat ik doe, waarom ik het doe, en vier ondertitels die ik ze wil meegeven. Die vier ondertitels zijn de basisprincipes van systemisch werk, maar dan zonder vakjargon.

Iedereen hoort ergens bij. Over binding. Over de onzichtbare draden die je verbinden met waar je vandaan komt. Dat erbij horen niet gaat over wie je elke dag ziet, maar over verbinding die er altijd is. Dat ook de mensen over wie niet gepraat wordt, erbij horen. Juist die mensen.

Er is een volgorde. Over ordening. Dat ouders vóór kinderen komen. Dat ieder kind een eigen plek heeft. Niet beter, niet slechter, gewoon de zijne of de hare. En dat het niet de taak van kinderen is om de dingen van volwassenen op te lossen.

Geven, nemen en ontvangen. Over balans. En over het verschil tussen die drie, want ze zijn niet hetzelfde. Geven is iets van jezelf naar een ander laten gaan. Nemen is actief: ik pak wat ik nodig heb. Ontvangen is openstaan: ik laat toe dat iets naar me toekomt. Alle drie zijn belangrijk. Alle drie mogen er zijn.

Je hoeft niets te veranderen. Over erkennen. Kijk naar wat er is. Niet naar hoe het zou moeten zijn. Als je verdrietig bent, ben je verdrietig. Als het pijn doet, doet het pijn. Pas als je erkent wat er is, kan er iets in beweging komen. En soms verandert er niks, maar word je wel een stuk lichter.

Voor de jongste schreef ik een slaapverhaaltje. Vier kleine verhalen, elk over één principe, die je kunt voorlezen. Binding werd een verhaal over erbij horen. Ordening werd een rij kinderen waar de jongste het compleet maakt. Balans werd drie momenten met een knuffel. En erkennen werd de boodschap: het mag er allemaal zijn.

Waarom ik dit deel

Dit project begon als iets persoonlijks. Maar hoe meer ik schreef, hoe meer ik dacht: dit is niet alleen voor mijn kinderen.

Kinderen voelen meer dan wij denken. Ze voelen spanningen, ze voelen loyaliteiten, ze voelen als iemand er niet bij hoort of als er iets onuitgesproken is. Ze missen soms alleen de woorden. De ondertitels.

Zeker kinderen die opgroeien in complexe gezinssystemen. Samengestelde gezinnen, twee huishoudens, gescheiden ouders, mensen die er niet meer zijn maar er wel bij horen. Die kinderen navigeren elke dag door meerdere systemen tegelijk. En dat doen ze vaak zonder dat iemand het benoemt.

Ik denk dat systemisch werk niet alleen toegankelijk gemaakt kan worden voor kinderen. Ik denk dat het dat verdient. De principes zijn niet abstract. Ze gaan over erbij horen, over je plek, over eerlijkheid. Dat zijn dingen waar kinderen elke dag mee te maken hebben.

En voor ouders: soms helpt het om de woorden te vinden. Niet als opvoedadvies, maar als taal. Taal om met je kinderen te praten over de dingen die ze toch al voelen.

Wat dit mij bracht

Het mooiste aan dit project is dat het me dwong om mijn eigen werk opnieuw te vertalen. Zonder vakjargon. Zonder complexiteit. Terug naar de kern.

En de kern is simpel:

Ik help mensen om te zien wat ze al voelen. En ik geef ze ondertitels bij het leven.

Ik wou dat iemand mij dat eerder had verteld. Tegelijkertijd weet ik: sommige dingen landen pas op het juiste moment. Maar ik wil het in ieder geval meegeven. Aan mijn kinderen. En aan iedereen die het nodig heeft.


Léon Kempees is coach, therapeut en opleider in systemisch fenomenologisch werk. Hij is mede-oprichter van de Spekkoek Academy, waar hij professionals opleidt in systemisch werk en opstellingen. Meer over zijn werk op leonkempees.nl en spekkoekacademy.com

Geraakt door dit artikel?

Abonneren op e-mail updates

Wij sturen 1x per kwartaal een nieuwsbrief en in een enkele keer bij bijzondere aankondigingen.

Marketing door